Terug Home Opvolgend muurgedicht
Bookmark and Share

Jan Arends

Jan Arends
 
Dichter: Jan Arends , Nederland, 1925 - 1974
Gedicht: Naamloos
Locatie: Botermarkt 12/Choorlammersteeg, Leiden
Sinds: Maart 1998 (nummer 57)
Let op: Vlak voor de voltooiing van het muurgedichtenproject  in 2005 is dit muurgedicht overgeschilderd.
                 Mei 2009 is het opnieuw aangebracht.

Nederlands
Naamloos

Ik
schrijf gedichten
als dunne bomen.

Wie
kan zo mager
praten
met de taal
als ik?

Misschien
is mijn vader
gierig geweest
met het zaad.

Ik heb
hem nooit
gekend
die man.

Ik heb
nooit
een echt woord gehoord
of het deed pijn.

Om pijn
te schrijven
heb je
weinig woorden
nodig.

(Uit: Lunchpauzegedichten, uitgever De Bezige Bij, 1974)


Op


Uitgezocht door:

Het muurgedicht is fraai gesigneerd (versie 2009).

Het muurgedicht is fraai gesigneerd (versie 2009).

T. Olijerhoek, die het vers uit de bundel "Lunchpauzegedichten" als zijn persoonlijke favoriet instuurde in het kader van de gedichtenwedstrijd "Uw favoriete gedicht op een Leidse muur", die Boekhandel "De Kler" in oktober 1997 organiseerde. "Arends kan met weinig woorden zo veel zeggen" zo lichtte Olijerhoek volgens het Leidsch Dagblad zijn inzending toe. Het muurgedicht werd ter gelegenheid van de Boekenweek aangebracht op de muur van broodjeszaak "Michelangelo". Eigenaar T. Ranselaar "wilde eigenlijk een Italiaans gedicht over koffie, maar initiatiefnemer Ben Walenkamp van Stichting TEGEN-BEELD zag liever een Nederlandse tekst. Bovendien was het idee voor een Italiaans gedicht over koffie op de muur van een Italiaanse lunchroom te commerciŽel. Als hier later bijvoorbeeld een slager in komt, dan begrijpt niemand de link met koffie meer. Ik ben met dit resultaat ook dik tevreden."


Op


De kracht van het woord

Van Bertus Aafjes tot Joost Zwagerman hebben tal van schrijvers zich bezondigd aan de reclame. Tegenwoordig biedt deelname aan een Sterspotje louter extra luxe, maar eertijds werkten vooral dichters als copywriter om de schoorsteen te laten roken. Schrijven als ambacht, dat had ook voordelen. In de reclame kon je net na de oorlog al relatief makkelijk geld verdienen. Bovendien was het schrijven van reclameteksten een goede leerschool voor de literatuur.

Hans Sleutelaar, die in de jaren vijftig in Rotterdam bij Lintas, het reclamebureau van Unilever, werkte, zei het zo: „Voor onze literaire ontwikkeling is het ook belangrijk geweest. We leerden er economisch te schrijven; zo overtuigend mogelijk zijn met een minimum aan woorden. Er gelden simpele wetten in copywriting: korte zinnen, korte kopregels, recht op je doel afgaan. Je ontdekt hoeveel macht het woord kan hebben."

Niet iedere schrijver of dichter was geschikt voor de reclame. Iemand die wel gevoelig was voor de kracht van het woord, was Jan Arends. Psychiatrisch patiŽnt, dichter, huisknecht en copywriter. Hij schreef, zoals hij zei, reclameteksten met de achterkant van zijn potlood. In Amsterdam werkte hij korte tijd voor Prad. Maar 'de lucht' beviel hem er niet. Liever zat hij in het cafť of op het terras van Reijnders of Eijlders. Ook op het hoofdkantoor van reclamebureau Nijgh & Van Ditmar, in het Groothandelsgebouw in Rotterdam, hield Arends het niet lang uit. De enige tekst die hij er in de wintermaanden van 1955 uit zijn mouw schudde was: `Het gaat beter in bed met Jansen & Tilanus'. Met veel gevoel voor zelfspot vertelde Arends er altijd graag bij dat deze slagzin het begin was van de moderne reclame.

Arends zag de reclame aanvankelijk als een soort artistieke grap: „Tot ik merkte dat er een hele industrie achter zat." Van Nijgh verkaste Arends naar Reclame Adviesbureau Bouman in Leeuwarden. Bouman was in die tijd een van de weinige erkende advertentiebureaus. Behalve in Leeuwarden had het bureau ook kantoren in Amsterdam, van waaruit het contact met de cliŽnten in het zuiden werd onderhouden. Leeuwarden gold als uitvalsbasis voor het noorden. Daar konden ze nog wel een copywriter gebruiken. Dat werd Jan Arends.

Janneke de jong werkte in die tijd bij Bouman als secretaresse. Na er 42 jaar in dienst te zijn geweest, nam zij als directie-assistente afscheid van het bedrijf met medeneming van een fotoalbum dat zij uit een vuilcontainer viste. In dit fotoalbum staan twee prachtige zwartwit foto's waarop Jan Arends als een keurige reclameman in streepjespak met andere mannen een glas champagne staat te drinken. Janneke de Jong: „Arends was er bij toen we naar de Spanjaardlaan verhuisden. Hij stonk nogal. Daarom hadden we gezegd dat hij alleen mocht komen als hij zich goed zou wassen en er goedgekleed uitzag, want alle belangrijke klanten zouden komen."

Op de foto heffen vier mannen het glas: Directeur Johannes Severijn (Joop) Bouman, Wim Post van Workum, account executive; Jan Punter, traffic manager, en Jan Arends, die zich in dit gezelschap bijzonder lijkt te vermaken. De Jong: „Hij had toen al een paar glazen champagne op. Dan kwam hij los. Zo mooi hebben we hem nog nooit op de foto gehad. Hij wou er ook nooit op."

Op het torentje van het voormalige Bouman-pand prijkt een haan. Want de morgenstond had goud in de mond, luidde het devies van Bouman. Dat gold echter niet voor Arends. Je moest hem met rust laten en je niet bemoeien met zijn werktijden. De Jong: „Ik vond Arends een zielig schuw vogeltje. Maar hij schreef wel goeie advertentieteksten en ze waren op tijd af."

Voor zijn doen heeft Jan Arends het lang uitgehouden in Leeuwarden. Het bestaan als copywriter wisselde hij voortdurend af met zijn andere passie: het huisknechtschap. Het liefst diende hij bij rijke „ordinaire wijven" zoals hij zijn meesteressen in hogere kringen noemde. Een enkele keer solliciteerde hij - uit opportunisme - bij een 'kerel'. Had hij tenminste een dak boven zijn hoofd. Zo belandde hij in BelgiŽ in een kasteel van een graaf die vaak van huis was. Daar schreef hij het toneelstuk Smeer of de weldoener des vaderlands, een parodie op de reclamewereld. Het verwijst niet alleen naar de toenmalige Planta-affaire, de smeerbare margarine die jeuk veroorzaakte, het vertelt ook iets over Arends en de reclame als leerschool voor de literatuur.

In het stuk zegt 'geldmaker' tegen 'copywriter' die dichter is, dat hij betere gedichten schrijft sinds hij in de reclame werkzaam is: „Dankzij de reclame kreeg jouw stem bij het stamelen en schreeuwen, plotseling een volume dat sterk genoeg was om het gebrul van veel andere experimentele dichters te overstemmen."

Vreemd, maar waar, zegt de copywriter: „Als ik een goede reclametekst geschreven heb dan schrijf ik er meestal een goed gedicht achteraan." In de slipstream van de reclame schreef Arends poŽzie met de economische zuinigheid van postzegeladvertenties. Niemand kon zo mager praten met de taal als hij. De copywriter in dienst van de dichter: 'Om pijn / te schrijven / heb je / weinig woorden / nodig.'

De kracht van het woord, zoals Sleutelaar het noemde.

(Nico Keuning op de achterpagina van het NRC Handelsblad van 28 juli 2002)


Op

Gedenksteen voor Jan Arends

Voor het gebouw van theatergezelschap Tryater in Leeuwarden wordt 21 januari de 38e poŽziesteen lang de zogenoemde poŽzieroute door de stad onthuld. De nieuwe steen draagt een gedicht van schrijver/dichter Jan Arends, die ermee wordt geŽerd.

Acteur Jan Arendz van Tryater maakte in het seizoen 2007/2008 een voorstelling over Arends, een productie die dit seizoen weer op het repertoire is gezet van het Friese gezelschap.                                               De stien mei it gedicht fan Jan Arends
                                                                                                                              (foto: Omrop Frysl‚n)  

Dichter en prozaschrijver Arends pleegde op 21 januari 1974 zelfmoord in Amsterdam, 35 jaar geleden dus. Nog maar twee jaar daarvoor had hij landelijke bekendheid verworven met de roman Keefman, een ironisch en venijnig verhaal over de vervreemding van een eenzame. Het werd bewerkt voor toneel en televisie. Arends, die voor anderen en zichzelf een moeilijk man was, sprong uit het raam op de dag dat zijn tweede dichtbundel uitkwam.

Tryater plaatst de steen in samenwerking met de Stichting PoŽzieroute en Bouman Reclamebureau, waarvoor Arends werkte. Op weg naar zijn werk in Leeuwarden kwam hij volgens een woordvoerster van het theatergezelschap elke dag langs de plek waar nu de steen wordt onthuld.

(ANP | Gepubliceerd op 13 januari 2009, 16:08)

Ľ luister naar de reportage (Omrop Frysl‚n)

 
Op
 
Herstel

Een aantal van de muurgedichten wordt geleidelijk aan hersteld. En bij Jan Willem Bruins betekent dat meestal een compleet nieuwe uitvoering. Zo ook in dit geval. Dit muurgedicht is in mei 2009 opnieuw aangebracht. Hieronder de situatie voor de verwijdering in 2005 en nu: 

Op

Links    :

Op Terug Home Opvolgend muurgedicht