Terug Home Opvolgend muurgedicht
Bookmark and Share

Jan van Hout , Noodvers

Jan van Hout - Noodvers


Dichter: Jan van Hout, Nederland, 1542 - 1609
Gedicht: Noodvers
Locatie: Breestraat 94 (Stadhuis), Leiden
Sinds:
Let op: Dit gedicht maakt geen deel uit van het project van de stichting TEGEN-BEELD.


Nederlands
Noodvers

Thryc van Spaengien, hem verbliden
In tbeleggen als zi zagen
Met gedult mi dragen tliden
Zoveel letters, zo veel dagen
NAE ZWARTE HVNGER-NOOT
GEBRACHT HAD TOT DE DOOT
BINAEST ZES-DVIZENT MENSCHEN
ALST GOD DEN HEER VERDROOT
GAF HI VNS WEDER BROOT
ZO VEEL WI CVNSTEN WENSCHEN
Zuuct en vint tjaer van liden zwaer
Dat niet en was te herden
De Here maer vrid'uns daer naer
Der tiender maent den derden


Op

Jan van Hout en het "Noodvers"

Deels overgenomen uit de geschiedenis van het Leidse stadhuis

Jan van Hout, die leefde van 1542 tot 1609, was stadssecretaris van Leiden en speelde als zodanig tijdens het beroemde beleg van Leiden een heldenrol. Hij was een veelzijdig man. Toen de Leidse universiteit werd opgericht, was Van Hout secretaris van de curatoren. Hij correspondeerde dan ook met veel van de befaamde geleerden die in de begintijd aan de Leidse universiteit verbonden waren. Het Leidse “Haec libertatis ergo” was hem uit het hart gegerepen. In zijn album amicorum staan bijdragen Dousa, Lipsius, Lernutius, Jan de Groot, de drukker Christoffel Plantijn en van Dirck Volckertsz Coornhert.

Het 'noodvers' is gemaakt naar aanleiding van het beleg van Leiden. De regels in hoofdletters tellen evenveel letters als de duur van het beleg door de Spanjaarden in dagen. Dit beleg duurde van 25 mei tot en met 2 oktober 1574. De in goud geschilderde hoofdletters verwijzen naar het bevrijdingsjaar 1574. Deze hoofdletters stellen Romeinse cijfers voor, waarbij de W voor twee Romeinse V's gelezen moet worden.

Bij natelling zult u merken dat de aantallen inderdaad kloppen:
Het aantal hoofdletters = het aantal dagen van het beleg = 131!
En het jaartal:
 4 x I =        4
 6 x V =     30
 4 x W =    40
 2 x L =    100
 4 x C =   400
 1 x M =  1000
----------------- +
Het jaar  1574


Op

Jan van Houtbrug

De 'Jan van Houtbrug' met daarachter de laatste rest van de middeleeuwse stadsmuur: muurtoren 'Oostenrijk'.

De 'Jan van Houtbrug' met daarachter de laatste rest van de middeleeuwse stadsmuur: muurtoren 'Oostenrijk'.

Notaris, dichter en stadssecretaris Jan van Hout (1542 tot 1609) heeft zijn sporen in Leiden duidelijk nagelaten. In 1562 werd hij benoemd als klerk van de Leidse secretarie. Van 1564 tot zijn ontslag in 1569 en van 1573 tot zijn dood in 1609 was hij stadssecretaris van Leiden. Tijdens het beleg van Leiden steunde hij burgemeester Van der Werf op standvastige wijze. Vanaf 1573 was Van Hout niet alleen secretaris van het curatorium van de Leidse Universiteit, maar ook beheerder van de stadsdrukkerij. Van Hout verdedigde humanistisch-renaissancistische ideeŽn en pleitte voor het gebruik van Nederlands op de universiteit. Het gebruik van zijn moedertaal was zijn stokpaardje. Als Stadssecretaris was hij ook een voorvechter van modernere vormen van armenzorg.

Van Hout staat ook te boek als de eerste die in zijn poŽzie de klassieke jambe gebruikte. Veel van zijn werk ging helaas verloren, maar 'Der Stadt Leyden Dienst-Bouc' (1602), met daarin lofzangen als 'Opt ontset van Leyden' en 'Leydens verlossinge van de Burggraven' bleef bewaard. Verder zijn dichtwerken als 'Vruntschap gemaect in schijn bedect' (1575) en 'Onrymich vreuchdenliedt der Stadt Leyden' (1594), naar aanleiding van het bezoek van prins Maurits aan Leiden, nog bewaard gebleven. In 1596 schreef Van Hout het toneelstuk 'Loterijspel' voor 'De Witte Acoleyen', de rederijkerskamer.

Leiden is Jan van Hout nooit vergeten. Hier en daar kom je zijn naam, wandelend door de stad, nog steeds tegen. Zoals op de naar hem genoemde Jan van Houtbrug, gebouwd in 1923 en aan de Jan van Houtkade, met de karakteristieke oude muurtoren 'Oostenrijk', daterend uit het einde van de vijftien-de eeuw. Van de hand van Jan van Hout is de vergulde tekst boven de linkerpoort van het stadhuis. De tekst beeldt het jaartal 1574 uit, terwijl het aantal hoofdletters het aantal dagen van het beleg van Leiden voorstelt.

In 1988 werd de naar hem vernoemde vereniging opgericht, een vriendenvereniging van het Leids Gemeentearchief. Initiatiefnemers waren de toenmalige gemeentearchivaris drs. T.N. Schelhaas en hoogleraar Rechtsgeleerdheid professor mr. H.W. van Soest. Het doel van de vereniging Jan van Hout was de band tussen het gemeentearchief van Leiden en zijn gebruikers te versterken, met het accent op de geschiedenis van Leiden en de regio.

(Annetta van Blitterswijk in de rubriek 'Ouwe Leidse' in het Leids Nieuwsblad van 12 oktober 2004)


Op

Links    :

Op Terug Home Opvolgend muurgedicht