Terug Home Opvolgend muurgedicht
Bookmark and Share

Trefossa (ps. Henry F. de Ziel) , Gronmama

Trefossa (ps. Henry F. de Ziel), Gronmama
 
Dichter: Trefossa (ps. Henry F. de Ziel), Suriname, 1916 - 1975
Gedicht: Gronmama
Locatie: Pelikaanstraat 9 (en ook in de Van der Werffstraat en de Lege Werfsteeg), Leiden
Sinds: 1997 (nummer 49)
Let op: Dit muurgedicht werd voorjaar 2004 overgeschilderd. In 2007 is het teruggebracht, maar zonder het
                op bovenstaande foto vastgelegde deel.


Sranantongo
Gronmama

Mi a no mi
solanga mi brudu
fu yu a n'e trubu
na ini den dusun titei fu mi

Mi a no mi
solang mi lutu
n'e saka, n'e sutu
mi gronmama

Mi a no mi
solang m'no krari
fu kibri, fu tyari
yu gersi na ini mi dyodyo.

Mi a no mi
solanga y' n'e bari
f' prisir' ofu pen
na ini mi sten.

Nederlands
Grondmoeder

ik ben niet ik
zolang mijn bloed
niet van jou bezeten is
tot in alle aders van mijn lichaam.

ik ben niet ik
zolang mijn wortels
niet zakken, niet schieten,
mijn grondmoeder, tot in jouw hart.

ik ben niet ik
zolang het mij niet lukt
jouw beeld te bewaren,
te dragen in mijn ziel.

ik ben niet ik
zolang je 't niet uitschreeuwt
van vreugde of van pijn
in mijn stem.

(Vert. Michel Berchem, Jan Bongers en Michiel van Kempen)


Op

Trefossa verhief Surinaams tot universele poëzietaal

Bijna dertig jaar na zijn dood in Nederland krijgt Surinaamse volksdichter alsnog laatste rustplaats in vaderland

Henri Frans de Ziel, alias Trefossa, schreef het volkslied van Suriname en bezorgde het land een eigen literatuur. In zijn vaderland wacht hem nu een postuum eerbetoon.

Trefossa is groot, héél erg groot, zeggen kenners van de Surinaamse literatuur. De in 1975 overleden volksdichter is zelfs zo groot dat Surinamers hem voor zichzelf wilden houden en hem met niemand, zeker niet met Nederlanders, wilden delen. Zoeken naar dichtbundels van Trefossa - op 15 januari 1916 geboren als Henri Frans de Ziel - in een Nederlandse boekhandel heeft geen enkel nut. Anders dan bijvoorbeeld de Surinaamse dichter Michael Slory is bijna niets van hem in het Nederlands vertaald. En dat voor iemand die verantwoordelijk is voor het Surinaamse volkslied, God zij met ons Suriname (Opo! Kondreman):

God zij met ons Suriname. Hij verheff' ons heerlijk land. Hoe wij hier ook samen kwamen. Aan zijn land zijn wij verpand.

Dat zijn stoffelijke resten op een Haarlemse begraafplaats nu worden opgegraven, gecremeerd en overgebracht naar Suriname, is dan ook logisch. Het is eigenlijk vreemd dat het niet al eerder is gebeurd en dat Trefossa nu pas, bijna dertig jaar na zijn dood, een grafmonument krijgt in het Surinaams Museum.

Vorige week, bij de crematie van zijn weduwe Hulda de Ziel-Walser, kreeg dit eerbetoon bij de oude vrienden en bewonderaars van Trefossa vorm. Daar in de aula van crematorium Westerveld in Driehuis was voor even weer de grootheid van de dichter voelbaar. De jazzdiva Denise Jannah zong een a capella-versie van Hans Andreus' Voor een dag van morgen en de president van Suriname had een persoonlijke boodschap gestuurd: 'Moge allen die zich met haar verbonden voelden, putten uit de overtuiging dat zij thans weer zij aan zij vertoeft met haar en ons aller grote dichter Trefossa.'

Waar hij zijn pseudoniem vandaan haalde, daarover zijn de geleerden het niet eens. Het meest waarschijnlijk is dat hij zijn naam ontleende aan de nederige Bijbelse figuur Tryfosa en aan het Surinaamse woord 'treef', dat staat voor verboden voedsel.

Wat Trefossa kon, deed hij met taal. Door alle Surinamers één taal te geven, wilde hij eenheid in het land brengen. De boodschap die Surinamers te vertellen hadden, moest worden gehoord. En ze moest worden uitgesproken in een 'eenheidstaal' die alle verschillende bevolkingsgroepen met elkaar zou verbinden. Trefossa maakte duidelijk dat de Surinaamse taal, het Sranantongo, meer was dan een soort Negerengels, slaven- of markttaal. Hij maakte er literatuur van, verdichtte de werkelijkheid in het 'Sran' en bedacht nieuwe woorden.

Het uitbrengen van zijn eerste gedichtenbundel, Trotji, in 1957, geldt dan ook als de oerknal van de Surinaamse literatuur, zegt Michiel van Kempen, de auteur van het vorig jaar verschenen Geschiedenis van de Surinaamse literatuur. 'Opeens werd duidelijk dat het Sran een universele poëzietaal was waarmee gedachten prachtig konden worden verwoord. Het Sran steeg uit boven zijn eigen, enge, nationale grenzen. Het was subliem, zuiver en vernieuwend, zoals alle grote dichters dat kunnen.'

Trefossa was in Suriname onderwijzer, redacteur en bibliothecaris. Hij worstelde met zijn gezondheid en kwam in 1969 terecht in herstellingsoord Zonneduin in Bloemendaal. Daar ontmoette hij de toenmalige directrice Hulda Walser met wie hij in 1970 trouwde. Wie nu door de kaarsrechte, weinig dichterlijke Haarlemse Zaanenstraat rijdt, kan zich niet voorstellen dat Trefossa hier tot aan zijn dood heeft gewoond. Hier leeft geen poëzie, laat staan dat er een gedicht van hem is te lezen. Daarvoor moet je zijn in de Pelikaanstraat 9 in Leiden, waar op de muur staat geschreven:

ik ben niet ik
zolang mijn wortels
niet zakken, niet schieten,
mijn grondmoeder, tot in jouw hart.

(John Schoorl in de Volkskrant van zaterdag 7 augustus 2004)


Op

Nieuwsberichten

In haar woonplaats Haarlem is Hulda de Ziel-Walser, weduwe van de dichter van het Surinaamse volkslied Henny de Ziel (Trefossa) op 23 juli op 78-jarige leeftijd heengegaan. Zij was langere tijd ziek en overleed in het ziekenhuis, kort na een operatie. Hulda de Ziel-Walser was een Nederlandse van Zwitserse afkomst, die als directrice van het herstellingsoord Zonneduin in Bloemendaal, Henny de Ziel, die daar verbleef, leerde kennen. Zij was later als psychotherapeutisch raadgeefster, sociaal actieve kerkgangster en vriendin heel veel mensen tot steun. Ook na het overlijden van haar echtgenoot (1975) bewaarde zij de band met Suriname en de Surinamers.
In 1977 bezocht zij Suriname, op uitnodiging van de toenmalige regering, ter gelegenheid van de publicatie van het boek "Ala poewema foe Trefossa". Hierin werden onder andere de gedichten uit Trotji, de beroemde dichtbundel van Trefossa heruitgegeven.
Ondanks haar steeds meer invaliderende ziekte wist zij met haar levenslust en doorzetting vrienden en behandelend artsen bij herhaling te verbazen met een vaak onverwacht, moedig fysiek en sociaal functioneren, altijd anderen tot steun dienend. Door vrienden werd zij "een engel" genoemd. Nog kort voor haar heengaan vertelde zij in verband met een documentaire over Trefossa over haar liedevolle relatie met de maker van het Surinaamse volkslied.; De crematieplechtigheid vindt plaats in Haarlem.

De stoffelijke resten van de schrijver van het Surinaams volkslied, Trefossa (pseudoniem voor Henry Frans de Ziel), worden binnenkort opgegraven in Haarlem en gecremeerd. Samen met de resten van zijn onlangs overleden vrouw Hulda wordt zijn as naar Suriname gebracht. Samen worden zij bijgezet in het Surinaams Museum, waar ook een grafmonument van Trefossa komt te staan. Vrienden van Hulda de Ziel-Walser, die op 23 juli op 78-jarige leeftijd in Haarlem overleed, zijn een inzamelingsactie begonnen om het overbrengen en de bijzetting in Suriname mogelijk te maken. Justitie moet nog toestemming geven voor de opgraving.

Momenteel is cineast Ida Does bezig met de productie van een docufim over de Surinaamse dichter en schrijver Trefossa, Henri “Hennie” Frans de Ziel [1916-1975]. Deze film wordt vervaardigd in opdracht van Migranten Televisie Nederland [MTNL]. Hij gold als één van de grote Surinaamse dichters.
Vooral zijn bijdrage tot de ontwikkeling van het Sranantongo als volwaardige taal is een grote verdienste. Trefosa mag gezien worden als een dichter die streefde voor de eenheid en ontwikkeling van het Surinaamse volk. Hij is de schrijver van het Surinaams volkslied. Het is nog niet bekend wanneer de première van deze docufilm zal plaats vinden


Op

Thuiskomst van een dichter

Srefidensi, Fri, Rostu en Lobi

Door Ida Does*

In de maanden voor haar dood worstelde Hulda de Ziel, de weduwe van Henni, met de vraag hoe ze de nagedachtenis van de dichter Trefossa het beste kon dienen, ook na haar overlijden. Het graf op de Haarlemse begraafplaats Akendam, waarin Henni al meer dan dertig jaar rustte, moest volgens haar een nieuwe bestemming vinden. Met haar eigen eindigheid in de nabijheid kwam, in gesprek met haar Surinaamse vrienden, de eerdere wens van Henni naar voren om vroeg of laat herenigd te worden met zijn geboortegrond. Voor zij haar ogen definitief sloot in juli 2004, was die wens een belofte geworden. Die belofte is vandaag, op 21 november 2005, waargemaakt. Familievriend dr. Hans Breeveld bracht de urnen van Henni en Hulda vanuit Nederland naar Suriname en velen, vrienden en wederzijdse familieleden, zetten zich in. President-dichter Ronald Venetiaan maakte dit eerbetoon definitief mogelijk.

Op 21 november onthult President, Ronald Venetiaan een grafmonument waarin de urnen van de dichter Trefossa (Henni de Ziel 1916-1975) en zijn weduwe Hulda de Ziel-Walser ( 1926- 2004) worden bijgezet. Voor deze plechtigheid reisden speciaal uit Nederland naar Suriname de zus van Henni de Ziel, mevrouw Hilda de Ziel en haar dochter mevrouw Cherida Adamah-de Ziel. Uit Zwitserland kwam de broer van Hulda de Ziel-Walser, Dr. Willi Walser naar Suriname om de ceremonie bij te wonen.
Het bijzondere eerbetoon vindt, ruim dertig jaar na het overlijden van de dichter plaats. Hij overleed in 1975, enkele maanden voor Suriname's onafhankelijkheid, in zijn woonplaats Haarlem en werd daar begraven. Zijn weduwe overleed in 2004, nadat zij aan haar naasten kenbaar had gemaakt dat zij, samen met Trefossa, een laatste rustplaats zou willen in Suriname. Mevrouw Hulda De Ziel Walser, een Zwitserse, heeft zich tijdens haar leven actief ingezet voor het levend houden van de culturele erfenis van haar man. Haar Haarlemse huis is vaak ontmoetingsplaats geweest voor jonge Surinamers die op zoek waren naar informatie en documentatie over Trefossa. Zij volgde de ontwikkelingen in Suriname op de voet en deelde de grote liefde van haar echtgenoot voor zijn geboorteland. Zij stond uitermate kritisch tegenover de militaire dictatuur en de schending van mensenrechten in Suriname.
Het project tot herbegrafenis werd door vrienden en familie in gang gezet en geadopteerd door de President van Suriname.

Het leven en werk van Henni de Ziel (1916-1975) blijft generaties Surinamers fascineren.
De onderwijzer met de innemende glimlach. Die bij gebrek aan schoolborden de houten balken van de schamele klaslokalen vol kalkte met taal en tekens. Wiens onderwijzerswoning in de districten, s'middags gevuld werd met bijlesleerlingen.
De christen, die met zijn psalmvertalingen de waarden van zijn mede gelovigen beroert, en wiens 'blesi sa kon bogo bogo' generaties EBG kerkgenoten vervult van vreugdevolle spirituele verwachting.
De zachtaardige en bescheiden mens, wiens nationale gevoelens hand in hand gingen met humanitaire waarden en vreedzaamheid. De oudste zoon uit een eenvoudig eenoudergezin, die zijn moeder en jongste zus door dik en dun bijstond.
De dichter Trefossa, die met zijn dichtbundel Trotji (1957) geschiedenis schreef in de Surinaamse literatuur en wiens 'aanhef' werd beantwoord door talloze dichters en tekstschrijvers na hem. De taalkunstenaar Trefossa, die met zijn schepping 'Srefidensi' en de creatie van het Sranan couplet van het volkslied van Suriname, de ambitie van zijn volk tot waardigheid en volwassen zelfstandigheid treffend wist te vangen in de volkstaal.
Henni de Ziel wordt vandaag herenigd met zijn geboortegrond. Zijn geliefde Hulda, die hij in de diaspora ontmoette en wiens roots diep in de Zwitserse bergen liggen, vergezelt hem, een meer dan symbolische daad van verbondenheid en liefde.

De nalatenschap van deze Surinamer vindt steeds weer een nieuwe weg naar het Surinaamse publiek. Trefossa blijkt decennia na zijn dood een onomstreden personage en een alom bewonderde erflater. Zijn taalgevoel en sensitiviteit voor de diepste waarden van zijn volk, kan rekenen op een blijvende emotionele respons. In 1977 werd door het Bureau Volkslectuur " Ala Poewema foe Trefossa" uitgegeven met een indrukwekkende inhoud: verzamelde gedichten, interpretaties, een biografische vertelling en recensies. De Nederlandse taalkundige Jan Voorhoeve, die de drijvende motor was achter dit project, meende dat Trefossa door zijn debuutbundel Trotji ' het culturele leven in Suriname aangrijpend gewijzigd heeft' en daarbij 'de creativiteit van talloze Surinaamse dichters heeft vrijgemaakt'. Ronald Venetiaan ontving toen als minister van onderwijs de weduwe De Ziel in Suriname voor de overhandiging van het eerste exemplaar van deze uitgave. De fameuze dichtregel 'wortu d' e tan abra' uit het gedicht 'Wan tru puema' diende als titel voor de literaire bloemlezing die Geert Koefoed, Eva Essed en Shrinivasi in 1971 voor het eerst samenstelden. In 1990 beleefde het werk van Trefossa opnieuw een revival door de uitgave "Trefossa Wan Njoen kari" van Mutyama, terwijl in de loop der jaren vele musici (o.a. Nel Dahlberg, Denise Jannah, Dave MacDonald en de Amerikaan Henry Muldrow ) zijn teksten op muziek zetten. In talloze verzamelbundels en literaire tijdschriften is werk van Trefossa opgenomen en wordt hij erkend als de pionier, die van de slaven- of markttaal een literaire taal maakte. In de Leidse Pelikaanstraat siert zijn gedicht Gronmama de muren van een flatgebouw, als onderdeel van het project Leidse muurgedichten van de Nederlandse kunstenaars Ben Walenkamp en Jan-Willem Bruins.

Veel is veranderd sinds Trefossa's tijd. Dit jaar is Suriname toegetreden tot de Nederlandse Taal Unie en zijn 500 Surinaamse woorden opgenomen in het Groene Boekje, de Woordenlijst van de Nederlandse Taal. Op de straten van de grote steden in Nederland is de Sranan-vocabulaire een belangrijk bestanddeel van de nieuwe urban jongerentaal en is het geen uitzondering dat Marokkaanse, Nederlandse of Turkse jongeren het hebben over 'oso', 'wagi' of 'brada'. Een nieuwe generatie ontdekt op eigen houtje dat het Sranan 'een lekkere taal' is en geeft er nieuwe betekenis aan.

Taalwetenschapper Hein Eersel, die in diverse literaire redacties samenwerkte met Henni De Ziel, benadrukte in zijn bespreking vanTrefossa's gedicht Srefidensi de idee van de dichter dat de eeuwen voorafgaand aan onze srefidensi niet kenmerkend mogen worden voor de eeuwen na onze srefidensi. De dichter waarschuwde in zijn Srefidensi gedicht van 1975 voor 'het eten van de honing van de leugen' ('oni fu ley') dat vooruitgang tegengaat. Een gedachte die dezer dagen in Suriname actueler dan ooit lijkt.

Dertig jaar geleden liet Hulda de Ziel op het grafsteen van Trefossa beitelen de woorden 'Srefidensi, Fri Rostu en Lobi'. Ik vroeg haar eens naar het waarom van deze woorden. " Dat was de wens van Henni voor Suriname" was haar antwoord. Ditzelfde grafsteen is vanuit Haarlem overgebracht naar Paramaribo en door de kunstenaar Glenn Fung Loy ge´ntegreerd in het grafmonument. De liefde tussen de zwarte man en de blanke vrouw, die thans in het grafmonument op de begraafplaats in de dr. Sophie Redmonstraat zijn verenigd, werpt een menselijk licht op koloniale verhoudingen en de historisch belastte relatie tussen blank en zwart. Misschien schuilt daar een hoopvolle symboliek in voor de toekomst.

* Ida Does, journalist, programmamaker en cineast.
Voerde begin jaren negentig de hoofdredactie van het tijdschrift Mutyama, Surinaams tijdschrift voor cultuur en geschiedenis. Met onder meer een themanummer over Trefossa. Werkt momenteel aan een documentaire film over het leven en werk van Henni de Ziel, Trefossa.


Op

Links    :

Op Terug Home Opvolgend muurgedicht