Terug Home Opvolgend muurgedicht
Bookmark and Share

Albert Verwey , Stoa

Albert Verwey: Stoa


Dichter: Albert Verwey , Nederland, 1865 - 1937
Gedicht: Stoa
Locatie: Rapenburg 70-74 (tuin), Leiden
Sinds: 1999 (nummer 71)


Nederlands
Stoa

Wie de slag van 't zwemmen en de kunst
Zich door golven te doen dragen leerde
Kreunt zich langer om ongunst noch gunst
Van 't getijde. 't Onvermijdbre zinken
Beangst hem niet. Het bitterste te drinken
Is aan 't eind misschien het dan begeerde.


Op

Uitgezocht door:

Een otterspeer?Professor Willem Otterspeer, bijzonder hoogleraar in de Universiteitsgeschiedenis aan de Rijksuniversiteit te Leiden. Gevraagd naar een verklaring voor zijn keuze antwoordde hij: "Ik zou het niet weten. Waarom vindt men iets mooi? Misschien omdat men de indruk heeft dat het speciaal voor jouw geschreven werd? Omdat men er een vinger voor over gehad had zo men het zelf had mogen schrijven? Ik realiseer me overigens dat ik dan inmiddels al lang geen vingers meer over had, want ik ken nogal wat andere gedichten die dezelfde krachtdadige ruil in me oproepen. Maar dit gedicht, door zijn strakke vorm en tijdloze inhoud, door de combinatie van zinloosheid en vertroosting, door de samengebalde levensfilosofie erin, ja, dit vind ik heel mooi. Maar waarom weet ik niet."

Het gedicht werd aangebracht op de achterzijde van "de Oude U.B." toen die na een renovatie in gebruik werd genomen als huisvesting voor het College van Bestuur van de Rijksuniversiteit te Leiden. De speer als signatuur lijkt een dichterlijke vrijheid, aangezien de naam Otterspeer naar alle waarschijnlijk berust op een foutieve spelling van Otterspoor.


Op

Contemplatie op historische grond

Vredevoogdtuin van Universiteit Leiden een oase van stilte en rust

De Vredevoogdtuin achter 'de Oude UB' aan het Rapenburg 70 is een goed bewaard geheim. Een smal, lang steegje met het opschrift 'Begijnhof' leidt ernaar toe, maar slechts weinigen nemen op een doordeweekse dag de moeite om eens te kijken wat er aan het einde ligt. Jammer, vindt universitair ambtenaar Kees Dwarshuis dat.

,,De Vredevoogdtuin is echt een oase van stilte en rust in de drukke stad'', zegt hij. ,,Hier kunnen mensen tot zichzelf komen. Het is een tuin die uitnodigt tot contemplatie.'' Alleen het personeel van het bestuursbureau van de universiteit is er op zonnige dagen te vinden: er staan banken en tafels waar zij in lunchtijd hun boterhammetjes opeten en een enkele keer komt er een verdwaalde toerist.

De openbaar toegankelijke Vredevoogdtuin is genoemd naar Loek Vredevoogd, die tot eind vorig jaar voorzitter was van het College van Bestuur. Hij leidde de universiteit door de moeilijke jaren '90. Er moest bezuinigd worden, het aantal studenten nam af en ook inhoudelijk zocht zij naar een nieuwe koers. Vredevoogd bracht nieuw elan en werd daarvoor beloond met een bronzen beeld, dat nu tegen een muur van het bestuursbureau staat. Ook onderging dat deel van de tuin een herinrichting. Er staan nu zes haagbeuken en vijf sokkels. Wie weet komen daar nog eens beeldjes op te staan van andere, toekomstige universiteitsbestuurders.

De Vredevoogdtuin staat op historische grond. Vanaf het midden van de vijftiende eeuw stond hier een klooster dat 'Faliede Bagijnhof' heette. Het bleef tot aan de Reformatie in gebruik. In 1586 kreeg de universiteit er de beschikking over: studenten en docenten gingen in de huizen van de begijnen wonen en de kapel werd verbouwd tot universiteitsbibliotheek, een anatomisch theater en een schermschool. In de loop der eeuwen is er aan het complex heel wat afgebroken en bijgebouwd, maar steeds bleef het complex bij de universiteit in gebruik. Ook de kapel, waarin nu universitaire ambtenaren werken, is nog altijd als zodanig te herkennen. In 1997 was de laatste verbouwing: toen vestigden het College van Bestuur en de universitaire ambtenaren zich er.

Achter de Oude UB, zoals het complex ook wel heet, lag voor de verbouwing al een (kleine) hof. Midden jaren '90 verkocht de universiteit een overtollig pand aan de Kloksteeg, maar de daarachter gelegen tuin hield zij zelf: die voegde zij samen met wat zij al had. Het verschil is nog altijd te zien: de voormalige 'Kloksteegtuin' ligt hoger in het landschap. Omdat 'Het Prentenkabinet' ooit eigendom was van hoogleraar neerlandistiek Albert Verweij, besloot de universiteit om een blinde muur van het bestuursbureau te reserveren voor zijn gedicht 'Stoa'.

De inrichting van de Vredevoogdtuin is simpel gehouden: een grasperk, maagdenpalm, buxus en een paar forse bomen domineren. Pronkstuk is een grote paardekastanje in het 'Albert Verweij'-deel. Ruimte, rust en het gevoel van continu´teit, daar gaat het om, meent Dwarshuis. ,,In de vijftiende eeuw was er hier al een gemeenschap die in contemplatie naar kennis zocht en nu nog altijd. Dat vind ik altijd weer heel boeiend.''

(Wilfred Simons in het Leidsch Dagblad van vrijdag 2 mei 2003)


Op

Links    :

Op Terug Home Opvolgend muurgedicht