icon-close

Zonder titel (901)

Sugawara no Michizane

Verbannen uit het Japanse keizerlijk hof kwijnt een dichter weg in zijn ballingsoord. Als de wind uit het oosten komt, kan hij bijna zijn geliefde pruimenbloesems ruiken.

illustratie: lees in nederlands
icon-close

Als de wind uit het oosten waait
zend me dan jullie geur
bloesems van de pruimeboom
jullie baas is weg
maar vergeet toch de lente niet!

Vertaling: anoniem

illustratie: ontdek dit gedicht in 1 minuut
icon-close

Ontdek dit gedicht in een minuut

De Japanse keizer was gedurende de Heian periode (784-1185) voortdurend verwikkeld in machtsstrijd met enkele machtige families. Met de benoeming van de ontwikkelde, hoogopgeleide Sugawara no Michizane op een sleutelpositie zette hij hen buitenspel. Het leverde echter verzet op, en de nieuwkomer moest uiteindelijk het veld ruimen. In zijn ballingsoord schreef hij dit gedicht, waarin hij terugdacht aan zijn tijd aan het hof. Hij deed dat zoals gebruikelijk was in een tanka, een dichtvorm waarin de natuur een rol speelt. De pruimenboom symboliseerde zijn verlies, maar bood ook enige troost.

Meer weten? Je kunt op deze website het gedicht beluisteren, je verdiepen in de totstandkoming en de maker en ontdekken wat Leidenaren ervan vinden.

icon-close
Sugawara no Michizane

Sugawara no Michizane

Kyoto 845 - Dazaifu 903

Sugawara no Michizane was een Japans geleerde, dichter en bestuurder. Hij werd in 845 geboren, in een familie die tot de lage adel behoorde. Michizane studeerde Chinese literatuur en maakt daarna snel carrière aan het Japanse keizerlijk hof. De keizer moedigde hem aan zijn gedichten te publiceren en benoemde hem tot minister. Dat was opvallend, want eigenlijk was die positie voorbehouden aan de machtige familie Fujiwara. Die verzette zich dan ook tegen de nieuwkomer. In 901 werd Michizane valselijk beschuldigd van verraad. Hij verloor zijn post en werd verbannen.

Eerherstel

Michizane kwijnde weg en overleed nog geen twee jaar later. Kort na zijn dood werd Kyoto getroffen door een reeks stormen en aardbevingen. De keizerlijke elite zag hierin de toorn van Michizane. Om verder onheil af te wenden werd hij postuum vrijgesproken en in alle eer hersteld. Hij werd heilig verklaard onder de naam Tenjin (god van de hemel) en er werd een Shintotempel voor hem gebouwd. In Japan geldt Michizane nog altijd als beschermheilige van de wetenschap.

illustratie: over dit gedicht
icon-close

Waar gaat dit gedicht over?

De dichters aan het Japanse keizerlijk hof schreven in de Heian periode (784-1185) tanka: een vijfregelig vers met 5-7-5-7-7 lettergrepen, waarin de dichter zich uit via een natuurbeeld. De vergankelijkheid van alle lieflijke dingen (mono no aware), reinheid en oprechtheid zijn hierin terugkerende thema’s. Ook dit gedicht is een tanka.

Emoties in een natuurbeeld

Michizane miste het keizerlijke hof van Kyoto, dat zo’n 700 kilometer naar het Oosten lag. Hij was er tot voor kort de baas geweest, maar had er nu niets meer te zoeken. Hij verlangde terug naar de geur van de bloeiende pruimenbomen in de hoofdstad. Toch was hij niet alleen verdrietig; de gedachte aan de natuur bood ook enige troost. Het gedicht is ook een ode aan de natuur die iedere lente nieuw leven brengt.

Legende van de vliegende pruimenboom

Een Japanse legende vertelt dat de kami (god) van de pruimenboom zich zeer vereerd voelt door het gedicht van Michizane. Hij zorgde ervoor dat de boom vliegend naar het ballingsoord van Michizane toekwam. Nog steeds staat er naast het heiligdom voor Michizane een pruimenboom. Als deze bloeit, komen hier studenten om te bidden voor goede examencijfers.

illustratie: ontstaan van dit gedicht
icon-close

Ontstaan van dit gedicht

Nadat Sugawara no Michizane in 901 in opspraak kwam, werd hij naar Dazaifu gestuurd, op het eiland Kyushu. Verbitterd sleet hij daar zijn laatste levensjaren. Hij keek er met heimwee terug op zijn tijd aan het hof en vond dat hem onrecht was aangedaan. Die emoties uitte hij onder andere in enkele gedichten. Een daarvan is nu in Leiden als muurgedicht te vinden.

illustratie: ik heb een verhaal bij dit gedicht
icon-close

Ik heb een verhaal bij dit gedicht

Heeft dit gedicht een speciale betekenis voor jou? Herinner je nog wanneer je het voor het eerst hoorde bijvoorbeeld? Of ben je het ooit ergens onverwachts tegengekomen? Laat het ons weten op muurgedichten@taalmuseum.nl! We voegen jouw verhaal graag toe aan deze website.

illustratie: gedicht in leiden
icon-close

Sugawara no Michizane in Leiden

Foto John Stelck

Dit gedicht is op 19 april 2002 gekalligrafeerd door Chikako Wijsman-Saga, echtgenote van Paul Wijsman, universitair medewerker bij de opleiding Japans/Koreaans. Dit is het eerste officiële Leidse muurgedicht dat niet door Jan Willem Bruins geschilderd werd. Het is te vinden aan het Rapenburg 73 (Hortus, achterzijde) in Leiden en was het 82e muurgedicht dat Stichting TEGEN-BEELD in Leiden realiseerde.

Keuze

Het gedicht is uitgezocht door biologe Titia van der Eb-Brongersma. Ze werd geïnspireerd door een bezoek aan Sapporo: 'Ik liep een park in en zag allerlei bomen en struiken die ik al uit Nederland kende: Prunus, Forsythia, Aucuba, Kerria, Skimmia, Hortensia. Logisch achteraf, als je je bedenkt dat 70 procent van onze bomen, struiken en planten in onze lanen en parken afkomstig zijn uit het Verre Oosten.' De Hortus Botanicus, waar zoveel Leidse botanici en biologen zich hebben ontwikkeld, was dan ook een passende plek voor dit gedicht.

Leiden en Japan

Sinds 2017 heeft Leiden een stedenband met Nagasaki. De banden gaan echter al enkele eeuwen terug. Het Leidse Sieboldhuis herinnert bijvoorbeeld aan de wetenschappelijke belangstelling voor Japan in de negentiende eeuw. Ter gelegenheid van de viering van vierhonderd jaar betrekkingen tussen Nederland en Japan in 2009 schonk de Universiteit van Nagasaki Japanse ume aan de Universiteit Leiden. Enkele hiervan zijn in de Hortus geplant, vlakbij dit muurgedicht. De bloem van de ume is in Japan het symbool voor wetenschap. Deze symboolfunctie gaat terug op het familiewapen van Sugaware no Michizane, waarin een ume te vinden was.

illustratie: citaten
icon-close

Citaten

Dit gedicht is een ticket naar Japan, waar de komst van de kersenbloesems nationale euforie teweeg brengt en waar een dichter de beschermheilige is van de wetenschap.

Leidenaar Arie de Kluijver, die het onderzoek deed voor deze pagina

What society in world history other than Heian would have made a hero of such a wan, cringing pawn as this scholarly court poet who wrote of his pathetic self as defeat closed in: ‘I have become mere scum that floats upon the water’s face’?

Michael Hoffman, columnist voor de Japan Times

illustratie: wist je dat
icon-close

Wist je dat?

  • Dit gedicht is een tanka. De tanka is het oudere zusje van de haiku en heeft vijf regels met 5-7-5-7-7 klanken. In Leiden is ook een haiku als muurgedicht te vinden: Een woedende zee! door Matsuo Bashō.
     
  • Dit gedicht is geschreven in het jaar 901 en is daarmee een van de oudste muurgedichten van Leiden.
illustratie: lees dit gedicht in het engels
icon-close

Dit gedicht in Latijns schrift

Kochi fukuba
nioi okoseyo
Ume no hana
aruji nashi tote
haru na wasureso
 

Dit gedicht in Japanse tekens

真  春  

        

  忘 . よ

四  る  

    

|          

0

       ~~

illustratie: lees dit gedicht in het engels
icon-close

When the East wind blows,
let it send your fragrance,
oh plum blossoms.
Although your master is gone,
do not forget the Spring.

Vertaling: Robert Borgen

illustratie: meer weten
icon-close

Meer weten?

Dit lemma is geschreven door Arie de Kluijver in samenwerking met het Taalmuseum. De vertaling naar het Engels is gemaakt door Anne Oosthuizen. Er is gebruik gemaakt van de volgende publicaties:

Boeken:

  • J. van Tooren, Tanka, het lied van Japan, (Meulenhoff Amsterdam)
  • S.D. Carter, Traditional Japanese Poetry: An Anthology (Stanford University Press)
  • R. Borgen, Sugawara no Michizane and the Early Heian Court (University of Hawaii Press)

Websites: